Door gezagsverhouding waren leden vereniging in dienstbetrekking

Gerechtshof Amsterdam heeft onlangs uitspraak gedaan in de volgende zaak: Een vereniging met als statutaire doel het behartigen van belangen van haar leden bij het in staat stellen een studie te volgen de universiteit of een instelling van het hoger of middelbaar beroepsonderwijs en het bevorderen van wetenschap en kunsten, in het bijzonder de kunstzinnige film, in het bijzonder de kwaliteitsfilm ten behoeve van het daarin geïnteresseerde publiek. De vereniging drijft een onderneming. De onderneming is belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting en treedt in concurrentie met andere ondernemingen. De bedrijfsactiviteiten van de onderneming bestaan uit de exploitatie van een bioscoop (met drie filmzalen), een cafébedrijf in het pand van de bioscoop, zalenverhuur en het organiseren van evenementen en festivals. Behalve arthouse-films staan ook commerciële, mainstreamfilms en kinderfilms op het programma van de bioscoop.

De werkzaamheden worden uitgevoerd door de leden van de vereniging. Er worden geen loonheffingen of premies werknemersverzekeringen ingehouden en afgedragen. Eerder had de Belastingdienst geconcludeerd dat er geen sprake was van loonbelastingplicht. Vanaf 2009 dacht de dienst daar toch anders over. In tegenstelling tot de rechtbank was het hof van mening dat er sprake was van een gezagsverhouding tussen de vereniging en de ledenmedewerkers. Volgens het reglement van de vereniging was het bestuur bevoegd aanwijzingen aan de werkende leden te geven. In de praktijk gebeurde dat ook. Er was daarom sprake van een gezagsverhouding.  Daarnaast konden de medewerkers zich niet vrijelijk laten vervangen als ze niet konden werken. De vervanging moest binnen de vereniging plaatsvinden. Hieruit concludeert het hof dat er sprake van een verplichting tot het persoonlijk verrichten van arbeid. Verder betaalde de vereniging haar ledenmedewerkers een toelage wat gezien werd als tegenprestatie voor de arbeid. Volgens het hof was er een gezagsverhouding, persoonlijke verrichting van arbeid en loon en dus een dienstbetrekking waarover loonheffingen verschuldigd zijn.

Gerechtshof Amsterdam, 10 juli 2014 (gepubliceerd op 22 augustus 2014), ECLI:NL:GHAMS:2014:2810

 

afgezonderd particulier vermogen (apv)

Een afgezonderd particulier vermogen (APV) dient vooral een particulier belang van bijvoorbeeld een bepaalde familie. Het geld wordt bijvoorbeeld beheerd door een stichting. De rechthebbenden tot dit vermogen dienen het vermogen te verantwoorden in hun aangifte inkomstenbelasting. Bijvoorbeeld een familiestichting met als doel het bevorderen van de onderlinge familieband.